Vertaler, ideaal beroep bij autismespectrumstoornis?

Vertaler, ideaal beroep bij autismespectrumstoornis?

(Disclaimer: ik probeer mijn verhalen altijd geschikt te maken voor iedereen op het autismespectrum, maar ik besef dat ik toch vooral vertel over hoe het voor mijzelf is, met mijn diagnose Asperger (nu dus autismespectrumstoornis in de nieuwe DSM-5). Het spectrum is zó breed en elke autist is weer anders, maar ik hoop dat je, als autistische lezer, toch iets waardevols uit mijn blog kunt halen.)

Inleiding
Vroeger, toen ik op de middelbare school zat, kreeg je periodiek een zogenaamde ‘beroepskeuzetest’. De eerste als je 12 bent, en daarna nog een paar keer. Ik weet niks meer van de inhoud van die tests, maar ik weet dat er bij mij steevast ‘tolk/vertaler’ als eerste optie uit naar voren kwam. Toch was dat niet meteen de eerste studie waar ik aan begon. Toen ik klaar was met de middelbare school (zie mijn vorige blogs op www.aspienouschka.wordpress.com), was ik bij lange na nog niet volwassen, en ik heb een aantal jaren echt maar wat aan geklooid. Eigenlijk was dat wel verstandig (niet financieel, maar wel voor mijn persoonlijke groei), want toen ik dus op mijn 23ste echt ging studeren aan de Vertaalacademie (toen nog de Opleiding Tolk Vertaler) in Maastricht, was ik volwassen en kon ik me toeleggen op de studie.

Nu, twintig jaar na mijn afstuderen, besef ik eigenlijk pas hoé geschikt deze studie en het leven als vertaler voor mij, als iemand met ASS (autismespectrumstoornis), is. Ik hoor collega’s wel eens klagen, dat ze, nu ze freelancer zijn, toch écht het contact met hun collega’s missen, het dagelijkse samen werken met anderen. Nou, daar kan ik me dus echt helemaal niks bij voorstellen! Ik zou gék worden op een kantoor met anderen. Ik kan al niet werken als ik de klok hoor tikken, laat staan dat ik het getyp, of nog erger, het gepraat, van anderen zou horen. Nee, dit leven is echt ideaal voor mij.

 

Op onderzoek uit
Als actief deelnemer aan de Vertalerskoffiehoek, een groep voor vertalers (en vertalers in opleiding) op Facebook, kreeg ik steeds vaker het idee dat ik niet de enige vertaler met ASS was. En, nieuwsgierig als ik ben, besloot ik op onderzoek uit te gaan: wat heeft deze vertalers met ASS ertoe gebracht om vertaler te worden? Was dat een bewuste keuze? Wat zijn de voor- en nadelen van hun ASS? Daarnaast was ik ook benieuwd naar de insteek van de VAC (Vertaalacademie) bij het opleiden van vertalers met ASS: wat zijn de knelpunten van studenten met ASS op de VAC?

Uit mijn korte onderzoek bleek dat niet alle vertalers heel erg bewust vertaler zijn geworden. Een aantal had inderdaad de opleiding aan de VAC of ITV gedaan, anderen hadden een taal gestudeerd, weer anderen kwamen uit het bedrijfsleven en zijn omgeschoold. Allemaal hadden ze wel al van jongs af aan een echt taalgevoel, en ze hebben daar bijna altijd wat mee gedaan, direct of indirect gerelateerd aan hun werk. De meeste mensen die reageerden op mijn oproep waren al wat ouder en hadden ook op latere leeftijd pas een ASS-diagnose gekregen (of hadden een sterk vermoeden dat ze ASS hadden, omdat ze veel herkenden van hun kind met ASS).

Problemen ondervinden
Ik vroeg de ondervraagden tegen welke problemen ze waren aangelopen tijdens hun studie. Die antwoorden liepen uiteen, maar op nummer één stond toch steeds het sociale aspect: aansluiting vinden bij medestudenten, gepest worden, vroegtijdige uitval omdat de werkdruk te groot was. Eén van de respondenten vertelde me dat ze vooral behoefte had aan duidelijkheid en inkadering, concretisering van beoordelingen en feedback, en dat dat aspect vaak ontbrak, wat zorgde voor extra spanning en stress. Die behoefte aan duidelijkheid werd onderschreven door een van de docenten van de VAC die ik naar zijn ervaringen met leerlingen met ASS vroeg. Leerlingen kunnen die behoefte aan duidelijkheid vaak op verschillende manieren uiten: de ene leerling stelt onophoudelijk vragen in de les, de ander meldt zich na de les, omdat hij of zij liever niet de aandacht vestigt op de behoefte om meer informatie te vergaren.

Een ander onderdeel waar de vertalers aangaven dat ze last van hadden gehad tijdens hun studie was hun perfectionisme. Hoewel zoiets ook een heel goede kant van autisme kan zijn, kan het er ook voor zorgen dat je als perfectionist verzandt in je eigen werk en er nooit een einde aan komt. Het is nooit goed genoeg. Ook dat gaf de ondervraagde docent aan: het doseren van dat perfectionisme is wel een moeilijk aspect.

Zelf liep ik niet zozeer aan tegen problemen in de studie, maar wel in de dingen rondom het studentenleven: op kamers wonen, in mijn vrije tijd omgaan met medestudenten, zelfstandig worden. Ik had het toen niet in de gaten, maar omdat ik tijdens mijn studie in Maastricht gewoon thuis ben blijven wonen, in Eindhoven, lukte het me dankzij de dagelijkse structuur om toch door te zetten. Ik hoefde niet alle verschillende bordjes in de lucht te houden: ik had een hele stabiele basis thuis, in Eindhoven, en in Maastricht studeerde ik. Die scheiding (en dus ook mijn onttrekking aan het studentenleven) zorgde ervoor dat ik gedisciplineerd en ongestoord kon studeren.

In het derde jaar van de VAC is de buitenlandstage: alle studenten moeten een half jaar werken of studeren en wonen in het land van hun vreemde taal. Omdat ik al vroeg aanvoelde dat ik niet geschikt was voor het werken op een vreemd kantoor, besloot ik voor een studiestage te gaan. Om nou te zeggen “time of my life”, nee, niet echt. Ik vond het vreselijk, maar ik ben dan ook een notoire kluizenaar. Maar leerzaam was het wel, in een echte campusflat met 10 verschillende mensen van 8 verschillende nationaliteiten leren wonen. Ik was doorlopend overprikkeld, maar ik heb het overleefd, en de studie was enorm leerzaam, dus dat hield me op de been.

In het laatste jaar was het tijd voor praktijkervaring. Hier keek ik enorm tegenop: hoe moet ik in hemelsnaam bij een bedrijf gaan werken? In die tijd had ik vrijwel doorlopend migraine, en ik zag even niet hoe ik voldoende werkdagen zou kunnen maken. Gelukkig bood mijn werkmentor (ik had inmiddels al mijn eigen bedrijf opgericht en werkte als eenmansbedrijfje voor een communicatiespecialist) aan om als stagebegeleider te fungeren, en dus kon ik binnen mijn eigen onderneming aan de slag. Achteraf gezien ben ik soms wel een beetje trots op de manier waarop ik toch steeds weer een oplossing wist te bedenken voor mijn beperkingen. Bedenk wel, ik wist helemaal niet dat ik een autismespectrumstoornis had in die tijd, ik dacht gewoon dat ik ‘een beetje gevoeliger en lastiger’ dan andere mensen was. Ook dat hard werken om methodes te ontwikkelen waarmee je je tekorten weet te compenseren is iets dat als herkenbaar kenmerk wordt benoemd door mensen uit het onderwijs die werken met studenten met ASS.

Voordelen van een autismespectrumstoornis als vertaler
Maar het is natuurlijk niet alleen maar moeilijk en zwaar, als autist in deze wereld. Daarom vroeg ik mijn collega’s: zijn er dingen die horen bij je autisme, die je juist voordeel opleveren bij het vertalen? Daar konden ze allemaal bevestigend op antwoorden. Stuk voor stuk noemden ze hun streven naar perfectie, of bijna-perfectie, als een voordeel: ze zijn niet gauw tevreden, zoeken voortdurend naar verbetering van hun werk.

Autisten, en vooral autistische vertalers, hebben vaak een bijzonder oog voor detail, en kunnen gefocust werken. Bovendien zijn ze zeer goed in staat alleen te werken zonder contact met anderen, en zorgen velen van hen voor eigen structuur en planning. En door hun analytische brein vinden ze vaak taken die anderen ‘saai’ vinden, juist een uitdaging. Ze zijn vaak consistent (dat is bij vertalen enorm belangrijk, bij het gebruik van vakspecialistische terminologie), en hebben vaak een heel goed concentratievermogen.

Eerder roemde ik al het taalgevoel van mijn collega’s, waardoor het mogelijk is om zelfs in talen die niet je eigen taal zijn, fouten te ontdekken en subtiele nuances te begrijpen. Vaak hebben vertalers met ASS dit al van jongs af aan; ik weet nog hoe ik als kind als een soort van ‘speciaal talent’ tijdens familiefeestjes zinnetjes moest vertalen. “Kijk nou eens wat onze Nous allemaal kan in het Engels/Spaans/Frans…” (Oh dat vond ik toch erg, als een of ander aapje tentoongesteld worden voor de familie, maar goed, het illustreert wel dat ik als kind al zo bezig was met taal.)

Een ander voordeel is de plichtsgetrouwheid van een vertaler met ASS: het zijn mannen en vrouwen van hun woord. Afspraak is afspraak. Hierdoor zijn ze vaak hele goede partners, voor zowel klanten als collega’s. Het kan ze soms ook een beetje stug maken, en betweterig, maar als ik naar mezelf kijk, komt het altijd uit een goed hart: ik doe dingen graag volgens de regels. Dat geldt niet alleen voor de regels van de taal, maar ook voor bepaalde sociale regels, en bijvoorbeeld verkeersregels. Het zorgt er ook voor dat ik dus echt heel goed ben met deadlines: een deadline is voor mij alsof hij in de heilige tabletten van Mozes staat gekrast: ik hou me eraan, hoe moeilijk dat het leven soms maakt. Toch heb ik in de loop der jaren geleerd dat ik soms best mag onderhandelen over deadlines en afspraken met mijn klanten. Meestal is de andere partij lang niet zo streng en onbuigzaam als ikzelf!

Moeilijke elementen
Een andere vraag die ik stelde: op welke punten is je autisme een belemmering of beperking bij het vak van vertaler? Zelf heb ik wat moeite met bankzaken; ik weet niet goed hoe het is ontstaan, maar ik heb een jaar of vier echt een fobie voor telebankieren gehad, en in die tijd deed mijn zus mijn bankzaken, samen met de boekhoudster. Dat was ingewikkeld, want ik ben wel een enorme controlefreak, dus ik wilde wel alles dirigeren, maar dan niet zelf die bankzaken daadwerkelijk doen. Gelukkig is dat probleem sinds een tijdje redelijk verholpen, dankzij gepaste therapie.

Andere collega’s gaven aan dat ze soms moeite hadden met structuur, dat ze zich soms zo konden verliezen in het werk dat alles eromheen niet meer werd gedaan. Ik heb een collega die maar met moeite kan factureren. De administratieve kant van het verhaal is soms ingewikkeld, maar gelukkig zijn daar ook oplossingen voor: je kunt bijna alles uitbesteden tegenwoordig.

Bijna allemaal geven de autistische collega’s aan dat de sociale kant lastig is. Dat was bij mezelf ook het geval, en toen het een tijdje wat minder ging, zakelijk, vond ik dat de grootste drempel: netwerken! En niet het netwerken zelf: ik klets met gemak tegen wildvreemden! Maar het kostte wel enorm veel energie, en als ik dan de volgende dag weer aan het werk moest, vond ik het zo raar dat ik niks gedaan kreeg, maar het was eigenlijk heel logisch: al mijn energie was opgeslokt door het netwerkevent van de dag daarvoor. Daarom heb ik geleerd dat je die netwerkdingen heel goed moet plannen, en niet moet denken ‘oh dat doe ik er tussendoor’. Voor netwerken, goed netwerken, moet je tijd vrijmaken. Je moet het leren, en je moet het ook echt doen. Ook daarbij kun je overigens hulp vragen van anderen hoor, er zijn cursussen voor en je kunt ook vragen aan bevriende ondernemers of zij je onder hun vleugel willen nemen.

Een andere belemmering is soms het gebrek aan zelfvertrouwen. Daar waar sommige vertalers met autisme echt duidelijk de zogenaamde ‘Asperger Arrogance’ hebben (een punt dat op zich ook wel belemmerend kan werken, omdat het vaak ook betekent dat je dan kritiek niet accepteert), hebben anderen een zeer laag zelfbeeld, vaak door jaren van pesterijen, waardoor ze niet goed om kunnen gaan met kritiek en/of feedback. Bij sommige collega’s is hun gebrek aan zelfvertrouwen minder geworden in de loop der jaren omdat ze zich steeds vertrouwder zijn gaan voelen in hun vak; bij anderen heeft therapie of training geholpen om ze wat sterker, weerbaarder te maken.

De vraag over belemmering werd door een andere collega beantwoord met het feit dat ze soms moeite heeft om haar gezin en haar werk te balanceren. Daar heb ik zelf ook al eerder over geblogd: https://aspienouschka.wordpress.com/2015/04/25/three-options-pick-two/. Het is moeilijk om nee te zeggen tegen klanten, maar je hebt ook anderen die van jou afhankelijk zijn en tijd met je willen doorbrengen als je een gezin hebt. Overprikkeling ligt dan voortdurend op de loer.

Het contact met de klant (directe klanten of vertaalbureaus) kan ook voor problemen zorgen. Meestal zijn autisten erg gesteld op directe communicatie, zonder verborgen boodschappen. Ze hebben zelf ook de neiging om zo te communiceren, maar dat wordt niet altijd goed opgevat. Telefoneren is vaak moeilijk, en het liefst gaat het contact per mail. Ik heb daar zelf ook mee geworsteld, maar het mezelf aangeleerd dat sommige dingen nou eenmaal moeten, ook al vind ik het niet fijn. De telefoon niet opnemen zou zakelijk gezien niet verstandig zijn, en ik wil nou eenmaal heel graag zakelijk succesvol zijn, en dus moet ik die telefoon opnemen. Hierbij komt mijn eenmalige training voor een callcenter (uit een tijd dat ik een zomerbaantje had) goed van pas: ik weet dus goed hoe het moet, ook al doe ik het liever niet.

Hoewel ik zelf enorm goed ben in plannen, weet ik dat ook dat voor veel autisten een ‘dingetje’ kan zijn: door de chaos in hun hoofd lukt het soms niet om een strakke planning te hanteren. Zelf lukt me dat wel, maar dat komt omdat ik heel streng ben voor mezelf; ik ben waarschijnlijk een veel strengere baas voor mezelf dan een buitenstaander ooit zou kunnen zijn geweest. Succesvol ondernemen valt en staat bij je eigen inzet. Omdat ik mijn doel duidelijk voor ogen heb, weet ik wat ik moet doen om succes te behalen. En daar hoort die strakke planning bij. Maak ik geen planning, dan verzand ik in inertie, dan komt er nauwelijks meer iets uit mijn handen. Daarom ben ik ook niet goed in vakantie vieren, dan laat ik de teugels los, en dan weet ik vaak niet meer wat ik moet doen. Dus vind ik het fijner om elke dag gewoon volgens hetzelfde ritme te leven. Dat klinkt misschien saai, maar voor mij werkt het!

Bijna klaar!
Als je al tot hier hebt gelezen: bravo! Het werd een langer artikel dat ik zelf had gedacht, maar ik vond alle punten wel belangrijk om te benoemen. Als laatste vraag in mijn vragenlijst voor collega’s vroeg ik wat zij beginnende vertalers, vers van de opleiding, zouden willen adviseren. Zijn er punten waar jonge vertalers met ASS op moeten letten, zijn er specifieke valkuilen?

Advies voor nieuwe vertalers
Het belangrijkste advies is wel: zorg dat je het vak écht leuk vindt. Of je nou een vertaalopleiding hebt gedaan, of via een alternatieve route bij het vertaalvak bent uitgekomen: als taal niet echt je passie is, dan wordt het moeilijk om je er professioneel mee bezig te houden. Er gaan echt opdrachten komen die supersaai en stom zijn, of zo moeilijk dat je bijna moet janken van frustratie, maar in mijn eigen geval was de liefde voor taal altijd zo groot dat ik juist verdrietig werd bij het idee dat ik géén vertaler zou zijn. Als je alleen maar vertaler wilt worden omdat je thuis wilt werken, dan zal dat misschien niet genoeg drijfveer zijn om het vol te houden.

Een volgend advies: na je studie ben je wellicht al vertaler, maar nog geen ondernemer. Zorg dat je ook op dat vlak voldoende leert. Er zijn bij de Kamer van Koophandel cursussen voor beginnende ondernemers, maar ook andere instituten bieden training/scholing op dat gebied aan.

Sluit je aan bij vertalersgroepen. Je hoeft het wiel niet zelf uit te vinden, er zijn genoeg groepen, online en IRL, waar je informatie kunt krijgen als je vertaalvraagstukken hebt of als je hulp nodig hebt bij de zakelijke kant van het vertaalvak. (Als beheerder raad ik zelf natuurlijk lidmaatschap van ‘Vertalerskoffiehoek’ van harte aan, maar ook hebben de vertaalopleidingen hun eigen groepen.)

Leer waar je sterke en zwakke punten liggen. Ben je enorm op details gericht maar kun je niet goed tegen kritiek (feedback), dan is het vak van corrector/revisor misschien meer iets voor jou, omdat je hierbij de feedback levert en niet hoeft om te gaan met kritiek over jouw ‘vertaalcreatie’. Luister naar je gevoel: jij bent degene die het werk moet leveren, dus als een opdracht niet goed voelt, neem hem dan niet aan. Als je slecht tegen krappe deadlines kunt, richt je dan op vertaalwerk met een langere deadline; meestal hebben boekvertalingen een deadline van een paar maanden, terwijl juridische vertalingen vaak binnen een hele korte tijd moeten worden geleverd. Kun je slecht tegen tijdsdruk, dan is dat laatste dus niet echt jouw tak van sport, bij wijze van spreken.

Zorg voor een fijn netwerk: mensen die je vertrouwt, die jou begrijpen en die je respecteren voor wie je bent. Zelf heb ik in het begin een mentor gehad: een opdrachtgever met veel geduld, die mij stap voor stap wegwijs heeft gemaakt in het vertaalvak en in de zakenwereld. Hij was streng en corrigeerde rigoureus mijn vertalingen met zijn groene pen, maar wat heb ik veel van die man geleerd!

Zorg ook dat je een goede balans tussen werk en privéleven weet te creëren. Veel mensen met ASS hebben de neiging om maar op één ding te focussen, maar een balans is belangrijk. Zelf was ik tien jaar aan het werk voordat ik in de gaten kreeg dat ik beter elk weekend vrij kon nemen. Ik ging pas na zes jaar voor het eerst een keer op vakantie. Ik was vergroeid met mijn bedrijf en kon maar moeilijk afscheid nemen. Dat heeft ook meteen geleid tot de eerste burn-out (of overspannen, zoals we dat toen nog noemden), want de boog kan echt niet altijd gespannen staan. Ook hier blogde ik al eerder over: https://jouwvertaler.wordpress.com/2017/04/14/altijd-maar-doorbijten/.

Vertaler ook jouw vak?
Ben je eruit, word je vertaler? Maak een lijst met je voordelen, dingen die jou onderscheiden van je collega’s: ben je uitermate detailgericht, extreem betrouwbaar, bijzonder goed in het vertalen van teksten waar anderen het geduld niet voor hebben maar jij een bijzondere interesse voor hebt? Zorg ervoor dat je dát kenbaar maakt, aan eventuele werkgevers of opdrachtgevers.

Maak daarnaast voor jezelf een lijst met dingen die jij belangrijk vindt: bijvoorbeeld duidelijke inkadering van werkopdrachten, weinig werkdruk/stress, tijd om bij te komen na overprikkeling of om te schakelen tussen opdrachten, ruimte om je terug te trekken. En bekijk aan de hand van deze lijsten welke werksituatie het beste past bij jou. Wil je werken op een vertaalbureau, maar kun je niet werken te midden van anderen? Maak dit dan kenbaar, en vertel erbij wat je wél kunt (bijvoorbeeld dat je wel kunt werken als je maar je noise-cancelling headphones de hele dag op mag hebben, of als je apart mag zitten in een andere ruimte). Wil je werken als freelancer, gewoon thuis? Ga dan bij jezelf te rade of je dat kunt: elke dag afspraken nakomen, zonder de druk van een baas? Omgaan met de onzekerheid van het freelance-bestaan, want soms heb je geen opdrachten en wat doe je dan? Raak je dan in paniek omdat je geen inkomen hebt? Dat zijn punten waar je goed over na moet denken. En informatie over moet inwinnen. Stel hierover gerust vragen aan ervaren vertalers.

Hopelijk heb ik de lezer met dit artikel wat meer inzichten gegeven. Mocht je nou nog vragen hebben over het vak van vertaler en het werken/ondernemen met ASS, stuur me dan gerust een bericht via info@proactive-translations.nl . Ik kan niet garanderen dat ik meteen reageer of dat ik een pasklaar antwoord heb, maar ik doe altijd mijn best! Over ondernemen met autisme schreef ik eerder al dit blogartikel: https://aspienouschka.wordpress.com/2017/02/09/autist-en-ondernemer/

Ik wil graag mijn collega’s bedanken die hebben bijgedragen aan dit artikel. Omdat niet iedereen ‘aut and proud’ is, heb ik mijn best gedaan om hun anonimiteit te garanderen. Daarnaast wil ik ook de andere bijdragers uit het werkveld en vanuit de opleiding bedanken. Samen hebben we mensen toch weer een beetje bewuster gemaakt over het vak van vertaler, het autismespectrum en autisten/mensen met autisme.